sonnenschein 12V gel accu
Voltcraft energy monitor 3000

Voltcraft energy monitor 3000 en energy check 3000, elektriciteitsmeter

Wanneer je elektrische energie wil besparen zal je eerst moeten meten hoeveel energie een apparaat verbruikt. Dat is alleen maar mogelijk met een elektrische energie meter. Een heel populaire energie meter is de Voltcraft energy monitor 3000. Of als goedkoper alternatief de Voltcraft energy check 3000.

Voor het meten van energieconsumptie, dus als je wilt meten hoeveel Watt een bepaald apparaat vraagt, zijn beide meters geschikt en gelijkwaardig. De goedkoopste voldoet dan zondermeer. Dat is de Voltcraft energy check 3000. Beide meters worden bij Conrad verkocht. Zie conrad.nl.

Bij beide elektriciteitsmeters kan je naast het meten van de eenheid Watt ook een klokje starten die meet hoeveel kWu over een bepaalde periode een bepaald apparaat (of via een stekkerblok apparaten) heeft verbruikt. Je kan zelfs instellen hoeveel eurocent een kWu kost en gelijk de werkelijke stroomkosten op het display laten weergeven.

De Voltcraft Energy Monitor 3000 heeft als extra's ten op zichte van de Energy check 3000: het meten van de frequentie van het elektriciteitsnet, wat normaal 50 Hz moet zijn, de geconsumeerde energie maar dan niet uitgedrukt in Watt maar in VA (Volt Ampere) en het meten van de cosinus phi. Deze extra's hebben wel een nadeel. De Energy Monitor is een stuk duurder dan de simpelere Energy Check 3000 versie, maar heeft voor deze uitgebreide functies ook een knoopcel batterij nodig type CR1620. Die gaat ongeveer drie jaar mee. De goedkope versie heeft geen knoopcel of andere batterij. Kan dus ook nooit opraken...

Beide meters, de lage prijs in ogenschouw nemend, meten behoorlijk nauwkeurig. De afwijking is volgens de fabrikant 1 Watt. Meet je bijvoorbeeld 100 Watt dan kan het werkelijke vermogen tussen de 99 een 101 Watt liggen. Bij een meting van 100 Watt is dat dus een afwijking of nauwkeurigheid van 1%. Dat is best goed voor zo'n goedkoop meetinstrument. Maar meet je bijvoorbeeld 10 Watt dan had het ook 9 of 11 Watt kunnen zijn. Dan is de afwijking dus ineens 10%. Dat is inherent aan ieder meetinstrument. Hoe lager de te meten waarde hoe groter de afwijking t.o.v. de werkelijke waarde. Maar... daar is wel een mouw aan te passen.

Wil je kleine vermogens (bijvoorbeeld onder de 25 Watt) dan ga schakel je eerst een ander apparaat in wat een flinke vermogensopname heeft. Liefst boven de 50 Watt (omdat dan de afwijking 2% of bij hogere vermogens nog lager dan 2% wordt). Stel dat je in dat geval 100 Watt meet. Dan is dat je basisvermogen. Daarna sluit je ook het te meten apparaat aan. Dan meet je bijvoorbeeld 103 Watt. Je weet nu door die 103 Watt van 100 Watt af te trekken hoeveel het te meten object aan energie vraagt. Dat is dus 3 Watt in dit geval. De nauwkeurigheid in deze meting ligt rond de 1%. Had je alleen de 3 Watt gemeten (met een afwijking van + of - 1 Watt) dan was de afwijking 33% kunnen zijn.

Meten van VA (schijnbaar vermogen) en cos phi (cosinus phi of arbeidsfactor)

Voor particulieren is het meten van VA en cosinus phi doorgaans niet zo interessant. Dat zijn twee extra functies van de Voltcraft Energy Monitor 3000. Wanneer je de energieopname van een lamp meet dan is het vermogen, wat in Watt uitgedrukt wordt, gelijk aan de VA (Volt Ampere) waarde. Dus 100 Watt is dan gelijk aan 100 VA. Heb je een apparaat met een inductieve of een capacitieve belasting dan is de VA waarde niet meer gelijk aan de W waarde. Dat is een technisch verhaal en zoektocht op het internet laat genoeg voorbeelden zien. Een apparaat waar een motor in zit of een transformator (maar zeker niet beperkt tot die) zal een inductieve belasting vormen. Daardoor gaat de VA waarde (het schijnbaar vermogen) afwijken van het werkelijke vermogen in Watt.

Voor particulieren is dit doorgaans geen interessante informatie maar voor bedrijven wel. Die betalen aan de elektriciteitsmaatschappij namelijk de verliezen die ontstaan bij schijnbare vermogens. Bedrijven kunnen deze afwijkingen compenseren door middel van condensatoren.

De mate waarin het schijnbare vermogen (VA) afwijkt van het werkelijke vermogen (W) wordt uitgedrukt in de waarde cosinus phi (cos phi) ook wel arbeidsfactor genoemd.

wij gebruiken cookies.
dat accepteer ik
meer informatie